Waarom

I. Waarom Ab Uno Ad Omnes?

AB UNO AD OMNES is Latijn en betekent letterlijk "van één tot allen". Laat me meteen open kaart spelen: Latijn klinkt gewoon veel plechtstatiger en ik heb een ongelooflijk zwak voor strakke en saaie dingen. Het was de wereldtaal der wetenschap, kunst, politiek en cultuur. De taal staat ook boven alle andere talen. Niet hiërarchisch, maar wel neutraal, doch zeer onderscheidend. Dit is dan ook geen mainstream platform voor courante ideeën. Ideeën onder een titel met een gevoelswaarde die u er zelf maar aan geeft. Persoonlijk geef ik niet zo om het uiterlijke aspect, maar voor anderen wil het oog ook wat. Daarom is het design van de website ook volledig aangepast aan hetgeen ik het meest comfortabele acht.

Meningsuitingen op het internet voldoen aan de beschrijving "van één tot allen", omdat ze nooit voor enkelen bestemd zijn. Ze zijn gericht naar een samenleving, met normen en waarden, met een lange geschiedenis aan mooie en zwarte, stuk voor stuk leerrijke gebeurtenissen. Soms is het echter nodig deze gemeenschap te doen herinneren aan de vluchtigheid waarmee alles passeert. Het wordt als het ware bijna niet meer geapprecieerd om even stil staan en er even over te reflecteren. Herinnert u zich nog wat u drie weken geleden heeft gedaan, wat toen het heetst van de naald was en door welke mensen u zich heeft laten omringen? Misschien houdt u wel een dagboek bij, maar herleest u hem nooit meer. Het feit dat de wereld in sneltempo kleiner wordt, is dan ook vaak te merken aan een gebrek aan langetermijnvisie en totaalvisie. Mensen leven van dag tot dag en ze kunnen hun successen en vordering niet plaatsen in een levenskader, waardoor mensen leger worden. Als gevolg doen "sociale" media het ook vrij goed: men heeft iedere dag nood aan bevestiging, appreciatie en een kortstondige voldoening. Een voldoende dosis van deze elementen geeft kracht voor de nieuwe dag. Vooral in Germaanse landen (waartoe ik de Engelstalige landen bijreken) staat het zelfbeeld op een heel laag pitje. Dat mensen naar onpersoonlijkere wegen van de autoconfirmatie grijpen, is dus geen wonder. Vele mijn artikels zijn weinig verrassend geïnspireerd op het je-moet-niet-denken-dat-je-iets-bentprincipe.

Is dat kortzichtig gedrag dan respresentatief voor iedereen? Neen. Het wordt alleen steeds zichtbaarder. Maar ook de middelen om mensen anders te doen denken zijn meer voorradig. Bij deze bied ik u dan ook mijn bescheiden mening aan.

II. Wie zijn deze mensen in de afbeelding?

Van links naar rechts: Plato, Seneca, Luther, Ibsen. Deze hoofden koos ik bewust om steeds een deeltje van mijn persoonlijkheid weer te geven.

Plato kon relativeren en het pure aardse van zich afzetten. Mensen vinden dat gek, omdat down-to-earth toch veel meer klaarheid schept in het denken. Ik ben daar echter niet helemaal mee akkoord. Soms moet men zaken van zich afzetten, wil men zonder al te veel zorgen verdergaan in het leven. Mensen die puur met het tastbare bezig zijn, verliezen  dan ook vaak de essentie en verliezen zich in een totaalbeeld dat niet het hunne is.

Seneca is zowat een goede aanvulling op mijn persoonlijkheid. Hij stond symbool voor het stoïcisme en hield zich heel ver van het massagebeuren en oppervlakkigheden. Zo ben ik als de dood voor de commerciële sportwereld, showbizz en fuiven. Soms zegt Plato tegen me dat ik op momenten toch even mijn verstand op nul moet zetten. En dan doe ik dat ook (tegen mijn zin).

Luther betekent voor mij revolte, de moreel gegronde tegenspraak tegen gevestigde waarden om de eigen samenleving te vrijwaren van nog meer negatieve invloed. Het enige wat ik anders doe dan Luther is dat ik nog steeds de mensen de keuze laat. Je neemt het aan of je verwerpt het. Of je kunt je deels vinden in mijn mening. Mensen kun je nooit tot iets dwingen.

Ibsen koos ik voor de schrijfvaardigheid en voor een stuk omdat ik hem een bewonderenswaardig kritisch auteur vind. Hij gebruikte zijn werk, dat voor een aanzielijk deel uit toneelstukken bestaat, om enkele zaken in zijn samenleving te bekritiseren. In de Nederlandstalige wereld - die vandaag vooral een fetish voor het postmodernisme schijnt na te houden - wordt deze man echter niet zo besproken. Bij deze even reclame gemaakt.

Waarom geen vrouwenhoofd? Onder de niet-levenden kan ik er geen enkele naar mijn filosofische voorkeur vinden. Misschien in de toekomst?

Geen opmerkingen:

Een reactie plaatsen